Roelandt jaar

Omdat iedereen dit jaar zo vol is van Rembrandt, ikzelf natuurlijk ook, kwam ik op het idee om dit jaar al mijn werk te signeren met ‘Roelandt’. Misschien wordt ik dan over 300 jaar nog beroemd.

Nu heb ik dit jaar al wat werken gemaakt die ik ‘gewoon’ gesigneerd heb, maar vanaf nu doe ik het dus zo. Zo ontstaat er ook een Roelandt jaar.

Zo ziet dat er dan uit op het schilderij ‘Met grote stappen snel thuis’, dat ik vandaag heb voltooid. Ook dit werk is straks te zien bij Galerie Lokaal 54 van Anne Mannaerts in Terneuzen als het nieuwe expositie seizoen weer begint op Zaterdag 9 Maart.

Het atelier vandaag

In het atelier leg ik de laatste hand aan een toffe opdracht. Vandaag komt het er op aan dat alles klopt. Het zijn de laatste loodjes. Kleine toetsjes hier en daar om alles net even wat mooier te maken dan het al is.

Dat is een klus van vooral veel kijken en op en neer lopen. Dat wissel ik af met het opruimen van mijn studio en opslag boven op zolder.

Die zolder is eigenlijk een kleine fotostudio waar ik alle fotografie doe voor mijn werk. Het is ook de plek waar ik alle toneel attributen en kleding op heb geslagen die ik voor het maken van foto’s voor mijn schilderijen nodig heb. Die ruimte was de laatste jaren zachtjes aan dichtgeslibt met zaken die ‘nog wel eens van pas konden komen’. Een oude mannenkwaal die ik van mijn vader geërfd heb. Het gevolg is dat ik er op het laatst mijn kont niet meer kon keren en dan is er slechts één remedie die nog rest. Een heel volle wagen naar de stort rijden. Dat lucht lekker op. Wat enigszins bruikbaar is gaat naar de kringloop. En dan moet ik heel erg oppassen dat ik niet evenveel zooi weer mee terugneem.

Intussen ben ik al weer bezig met een volgen, nieuw, Zeeuws werk. ‘De drieling van Terhole’. Drie mooie, Zeeuwse, ondernemende dames die meer in hun mars hebben dan alleen centjes verdienen. Ze beschikken over magische krachten die ze gebruiken wanneer het nodig is.

Een mooi eigentijds spookverhaal op doek (130 x 140 cm). Het is feitelijk een reflectie naar de gebeurtenissen met de Hedwigepolder, waar ik eerder al eens iets over geschilderd heb. Die prachtige polder wordt nu helemaal verwoest om onder water te zetten. Iets waar je, hier in Zeeland, niet mee aan moet komen, met de watersnood ramp nog vers in het geheugen.

Schilderachtige wereld

Vanmorgen vroeg begon mijn dag zo. Het heeft flink gesneeuwd vannacht en als ik dan buiten kom om de luiken te openen zou ik dit het liefst gaan schilderen. Maar ik heb zoveel meer te schilderen in het atelier, en bovendien heb ik dit plaatje laatst al geschilderd voor de ‘Overwinteren expositie’ in Museum Het Warenhuis te Axel, dat ik er alleen maar een foto van maak.

Mijn uitzicht ziet er vandaag zo uit. Besneeuwde velden en het sneeuwt nog steeds. Maar het is vier graden boven nul, zag ik op mijn thermometer in de tuin, dus zal het wel niet lang blijven liggen.

En tussen de bedrijven door bak ik broodjes en kook ik erwtensoep op de Rayburn. De wintersfeer is dan volledig aanwezig en vanavond worden er pannenkoeken gebakken op de Rayburn. Winter in Hoek is feest.

In het atelier heb ik het keidruk met nieuw werk. Ik begin vandaag met de afwerking van het doek wat ik gisteren heb opgespannen. Daar komt straks een schilderij op te staan over een bizar streek-spook-verhaal over een kleurrijke drieling. ‘Vreemde gebeurtenissen op het Land van Terhole’. heet dat. Een schilderij en een verhaal over Zeeuwse zaken.

Nieuw doek aan het opspannen

De Axelse poster op het raam bij Deva

Vandaag bij Deva, in Breda, een rol vers portretlinnen gehaald om nieuw werk op te kunnen spannen. Te beginnen met een doek van 160 x 170 cm. En omdat ik toch in Breda was heb ik gelijk hier en daar gevraagd of de poster van de expositie in Axel opgehangen mocht worden. Die hangt nu dus bij Deva, Via Mioni, Het Ezelsoor en natuurlijk de beste bakker van Breda, voor de ramen. Zo weten ze in Breda ook gelijk weer waar ze me kunnen vinden.

Rechts in de hoek, moeilijk te zien door de weerspiegeling, de Axelse poster achter het raam van de beroemde Bredase bakker.

Gewapend met superlekker brood en dito worstenbroodjes, want daar zijn zij kampioen mee geworden, rij ik weer terug naar het beloofde land. Zo is het altijd weer een beetje feest om even in Breda te zijn. Ik kom dan ook altijd bekenden tegen. Dit keer Margot Maaskant, die ik al weer een hele tijd niet heb gezien.

Bij Deva haalde ik dus een prachtige kwaliteit portretlinnen. Er is voor mij geen winkel dichter in de buurt met zo’n breed assortiment en omdat ik hier mijn hele leven al kom ben ik hier nog steeds kind aan huis. De band met Breda blijft daardoor wel in tact.

Ik maakte deze foto omdat deze hoek, met spielatten, rollen doek en de snijtafel, altijd de plek is waar ik het eerst naar toe loop. Lucas helpt me altijd met het snel samenstellen van de hele bestelling. Hij is dan ook de man die hier blindelings de weg weet tussen alle artikelen. En dat is héél erg veel.

Aan het eind van de avond staat het eerste doek (160 x 170) zo strak als een trommelvel. Onder toeziend oog van Mario Rutteli.

En nummer twee, 130 x 140 cm. klaar. Mijn werkdag zit er op.

Eerste dag in het nieuwe jaar

Ik had me voorgenomen om vandaag niks te gaan doen. Dat mislukte al vroeg in de ochtend. Ik ben bezig met het maken van een monumentale lijst voor een bijzonder schilderij waar ik alles nog voor moet gaan ontwikkelen, fotograferen etc. Daarnaast ben ik al weer aan een nieuw schilderij begonnen over een mooie Zeeuwse dame die naar het verre Oosten reisde. Hiermee wil ik in de voetsporen treden van een van mijn favoriete Oriëntalisten zoals Sir Laurence Alma Tadema. Het nieuwe jaar begint dus gelijk goed.

De molen en de romanriek

Het is een echo uit het verleden. De kaart van onze molen. Gefotografeerd ergens in de jaren ’50 toen alle lelijkheid van vandaag de dag nog uitgevonden moest worden. Volgens Jelle, onze molenaar, is de foto gemaakt tussen 1945 en 1959. Na het aanbrengen van het systeem van Bussel en vóór het verwijderen van de stelling. In die jaren ging het mis. De wereld moest vernieuwd worden en zo verdween alle romantiek. We, Jelle en ik, komen dan ook tot de slotsom dat we te laat geboren zijn.

Zo zitten we vaak wat te dromen en te filosoferen op de molen over de schoonheid van weleer. In dit geval met Sankie Koster, een van onze favoriete vertel-diva’s, die net als Jelle en ik dat verleden zo koestert.

De ansichtkaart waar Jelle mee aan kwam zetten

Waar op de foto de plantjes staan in de moestuin staan nu auto’s. De rest van de omgeving is ernstig vervuild met schreeuwend lelijke nieuwbouw, zoals ons dorpshuis, vuil containers en ander onooglijk modern goed. Al mijmerend over mooie tijden komt bij mij het idee opborrelen om dit gewoon eens te gaan schilderen. Exact als op de kaart, maar dan in kleur, en alsof er in al die jaren niets is veranderd.

En als ik dan zo bezig ben ontstaat er iets wat me doet denken aan de Haagse School. Hoe ironisch. De leden van de Haagse School, Jacob en Willem Maris, Willem Mesdag, Anton Mauve en Willem Roelofs, om er een paar te noemen, zetten zich af tegen het toen overheersende romantische traditie en streefden naar een perfecte weergave van de realiteit die veelal op locatie werd geschilderd. Ik zit nu een exacte weergave te maken van iets wat ik verromantiseer en wat me juist doet denken aan die Haagse School.

Het schilderijtje is voor mij juist een vorm van verzet tegen alle moderne troep waar de hele wereld mee vervuild is geraakt. Het is allemaal erg praktisch en nuttig, maar zo lelijk dat ik het niet wil zien. In de tijd van de ansichtkaart liep er een karrenspoor, slingerend door het land naar de molen, waarlangs de boeren hun graan per paard en wagen naar de molen konden brengen. Het huis van de molenaar stond er nog en vanuit het dorp liep een pad naar de molen toe. Als ik dat bedenk en voor mijn geest probeer te halen moet ik onwillekeurig denken aan het lied van Wim Sonneveld over het tuinpad van zijn vader. Dat lied heeft mij altijd bezig gehouden. Zo ook nu.

Ik schilder de molen. Toetsje voor toetsje bouw ik het schilderijtje heel geduldig op. Langzaam maar zeker begint zich iets te ontspinnen wat we alleen nog maar in zwart-wit kennen. Ik hou de toets van de Haagse School schilders er in. Krachtig en raak. Die ansicht vol herinneringen is gelukkig niet alles wat er overbleef voor mij, want de molen staat er ook nog. En die molen draait ook nog. Er wordt graan op gemalen en we genieten er elke keer weer opnieuw van als we alles zien draaien in deze prachtige stenen toren met haar zwierige wieken.

 

Barcode 4

Wie mijn site heeft gevolgd weet nu wat er zoal bij komt kijken om een schilderij als ‘Barcode’ te maken. Van idee tot compleet ingelijst werk. Vandaag was het moment aangebroken dat ik het werk kon gaan vernissen. Ik breng een zogenaamde retouche vernislaag aan. Dat is een tijdelijke vernis waar de verse verf nog enige tijd in kan drogen omdat deze vernislaag de verf kan laten ‘ademen’.

Als dat gebeurd is kun je de kleuren weer in hun volle briljantie zien en pas dan kan ik het werk fotograferen. De retouche vernislaag is een tijdelijke laag die uit zichzelf oplost. Na zes maanden kan er dan een slotvernislaag overheen aangebracht worden die definitief is.

Na het fotograferen komt het inlijsten. De lijst heb ik al gemaakt en die staat al klaar. Het laatste onderdeel van het werk kan nu gedaan worden en daarna kan het werk naar de galerie.

Van idee tot voltooid schilderij met een eigen lijst. Alles wat ik produceer komt volledig uit mijn eigen atelier. Als je het nog eens na wil lezen kun je het hele proces op deze site volgen onder de titel ‘Barcode’ 1,2,3, en 4.

Vroege ochtend in het atelier

En dan is het even spannend als de lijst uit de lijmklemmen komt. Heb ik goed gemeten? Zijn de hoeken strak sluitend? en hoe staat het? Dat laatste is wel de belangrijkste vraag waarmee ik vanmorgen om zeven uur het atelier betrad. Voor dit werk heb ik gekozen voor een iets smallere lijst dan gebruikelijk. Hoe pakt dat uit? Echt zoals ik het heb bedacht of….

En als het complete werk op de ezel staat en ik even de tijd neem om goed kritisch alles in ogenschouw te nemen met een eerste kop koffie en een krentenbol ben ik heel erg tevreden. Het had niet beter gekund. Nu volgt de afwerking, waar ik deze dag mee zal gaan vullen, en intussen denk ik al na over het volgende schilderij(tje) dat ik wil gaan maken. Ik heb de keuze uit drie onderwerpen die me allemaal enorm boeien.

Lijstje lijmen

Het kost wat moeite, maar dan heb ik ook exact de lijst die ik wil hebben voor mijn nieuwe schilderij, ‘Barcode’. Dat werk is nu af op nog een paar kleinigheden na. Na een verrassingsbezoek van een oude man met een baard en een paar gitzwarte ADHD-ers kan ik weer verder en heb ik vanavond de lijst in elkaar zitten en de laatste dingetjes aan het schilderij afgewerkt.

Laatste loodjes voor ‘Barcode’

In het atelier wordt vandaag al weer vroeg gewerkt aan de laatste penseelstreken op het schilderij ‘Barcode’. Ik ben nu alle fijne details aan het schilderen van de persoon op de voorgrond. Het schilderen van die kleding is een vrij complex werk omdat de stoffen die ik schilder elk een eigen uitdrukking en textuur hebben.

De komende week hoop ik alles te kunnen voltooien. Bij elkaar is dat nog een paar volle dagen werk, maar het eind is in zicht en ik ben zeer tevreden over het resultaat.

Van Paulette, van de Zeeuwsche Kringloopbeurs uit Sint Jansteen, kreeg ik een hele lading spielatten waar ik zeer blij mee ben. Ik kan nu wat gewenste formaten in elkaar zetten om nieuw doek op te spannen voor werk wat ik hierna wil gaan maken. Onder andere een nieuw werk voor het museum in Axel waar ik volgende maand ga exposeren met mijn ‘Zeeuwse collectie’.