Isilareina, poezen en Balky

Samen met Ineke (Isilareina) heb ik afgelopen weekeind het nest met poezen gered van de ‘snelweg’ die vlak langs hun schuilplaats loopt. Het was even spannend, want hoe zou moederpoes, Milou, reageren op de verplaatsing van haar kindertjes? Dat ging gelukkig vrij goed. Het duurde even, maar Milou is nu helemaal aan de situatie gewend geraakt en ze lijkt er meer dan tevreden over te zijn. Met deze ingreep lijkt er ook een eind te zijn gekomen aan haar zwervend bestaan. Milou is tot rust gekomen en ligt nu heel veel te slapen. Haar drang om naar buiten te gaan is zo goed als weg. Ze ligt nu liever op haar kussentje bij haar kindertjes en gedraagt zich als een zeer voorbeeldig moedertje.

Maar Milou is nog steeds niet gesteriliseerd. En dat moet wel gebeuren om te voorkomen dat ze opnieuw zwanger raakt en er hier en soort van poezen pension ontstaat. De reden om dat nog even uit te stellen is dat ze nu nog voor haar kleintjes moet zorgen en omdat die ingreep nu net even slecht uitkomt financieel (ook ik heb flink last gehad van de corona crisis en juist in deze periode wat kosten moeten maken).

Ineke is op dit moment bezig met het schrijven van haar boek over de avonturen van het ezeltje Balky. Ze maakt daar geweldig mooie teksten voor en heel veel tekeningen, sculpturen en schilderijen. En omdat ze haar verhaal schrijft uit inspiratie van het moment was het niet zo heel verwonderlijk dat Balky, op zijn reis, langs Hoek kwam om een bezoek aan Milou te brengen.

Ze bood dat schilderij te koop aan via facebook. Met de opbrengst wilde ze de medische ingreep voor Milou zien te bekostigen. Dat was in een uur tijd gelukt. Het schilderij is verkocht en Milou zal waarschijnlijk de enige zijn die daar niet echt blij van zal worden. Bij die aanbieding op facebook schreef Ineke nog een kort stukje van het verhaal van Balky.

‘Daar ligt poes Milou op een mooi rood kleedje
Balky zegt: ‘Oh, wat een scheetje.’
En pardoes springt daar vanachter het gordijn
nog zo’n wollebol tevoorschijn
Wat een feest maar Milou zucht en zegt:
‘Nou het is zo wel mooi geweest
ik heb de apotheek gebeld
en de poezenpil besteld…’

Deze tekst is slechts een fragment wat bij het schilderij hoort. Milou is op dit moment dus aan de pil. Die zat verstopt in een stukje kaas waar ze verzot op is. Nu wantrouwt ze alle stukjes kaas en eet die heel voorzichtig op. Voor de volgende pil zullen we dus wat nieuws moeten bedenken.

Poes vermenigvuldiging

Het heeft niets met schilderen te maken, maar wel met mijn belevenissen in het Zeeuws Vlaamse paradijs. Milou, mijn aanlooppoes, heeft zich vermenigvuldigd. Vandaag zag ik twee zeer aandoenlijke katjes achter en stapel dakpannen vandaan kruipen. Een geheel zwart katje, die ik Luna noem en een zwart wit katje die ik Mula noem. Het kwam zomaar in me op om de beestjes zo te noemen.

Moederpoes, Milou, heeft haar kroost vandaag aan me voorgesteld. Mauwend en kopjes gevend. Dit was echt een supermooi moment waar ik beslist nog iets van ga schilderen.

Twee gezond ogende jonge katjes moeten nu de zorg krijgen die ze verdienen. Om te voorkomen dat ze net als moeder gaan zwerven heb ik een plan opgesteld met Monique, van de poezenopvang, hier even verderop. Milou laat al merken dat ze makkelijker naar binnen komt en alles wel vertrouwd. Ik hoop dan ook dat ook zij het huis boven de wijde wereld zal verkiezen.

Aardappelbloem

In de moestuin bloeien de bloemen van de aardappelplanten. Dat is zo’n typisch boeren feest-moment. Je kunt aan de hoeveelheid bloemen zien dat er een goede oogst aan zit te komen onder de grond. Omdat ik het zo’n bijzonder mooi bloemetje vind heb ik er een klein schilderijtje van gemaakt voor Jo Stanneveld die afscheid van zijn werk (directeur Toonbeeld) moest nemen in alle stilte omdat een gepast groots afscheidsfeest niet door kon gaan vanwege de corona crisis. Met alle collega-docenten maakten we een bloem voor hem om het niet ongemerkt voorbij te laten gaan. Al die bloemen werden stiekem in zijn tuin geplant om hem op zijn laatste werkdag te verrassen.

Echt een superleuk projectje waar iedereen aan mee heeft gewerkt en wat een prachtig resultaat had.

Beschouwing in zwart-wit

Als ik het hele geheel eens in zwart-wit zie ontkom ik niet aan de indruk dat ik zo’n 100 jaar in de tijd terug ben gekeerd. Echter is deze foto genomen in 2020. 100 jaar geleden was alles in een zeker evenwicht. Het leven was een stuk rustiger en overzichtelijker. En dat is precies wat ik zoek. Daarnaast vind ik alles uit die tijd mooier dan al die zielloze plastic troep van nu. Ik beschouw de schouw als een mooie stap in de richting die ik zo koester. Hoewel het hele geval nog lang niet af is zie ik wel dat ik in de gewenste richting aan het werk ben.

In het atelier is het een enorme bende. Ik werk aan diverse werken tegelijk. Zo ben ik de studie voor ‘Split second’ aan het inlijsten omdat ik die heel geslaagd vind en lekker zelf wil houden. Daarnaast gaat het werk aan het altaar retabel voor Sinterklaas voort en werk ik aan een klein schilderijtje over kippen voor een goede vriend van me. Ook daar moet een kadertje voor gemaakt worden en dat gaat dan gelijk op.

‘Split second’ staat daar achter. Klaar om weer opgepakt te worden als ik daar weer tijd voor heb. Je kunt er op bovenstaande foto nog net een stukje van zien. Van de zegenende ‘Nicolaas’ op de puinhopen van de klokkentoren van Finale Emilia, wat symbolisch staat voor de afbraak van alle kunst en cultuur op dit moment.

De zooi in het atelier is de typische zooi van een werkplek waar veel gebeurd. Ik heb al eens geprobeerd om heel ordelijk te gaan werken, maar dat mislukte dus. In deze chaos weet ik uitstekend de weg en ik heb al die zooi nodig om te kunnen werken. Dan is het heel fijn om te weten dat in het huisje alles de rust en overzichtelijkheid uitstraalt van weleer.

 

 

Maaaaaaaaaaauw

Het was ergens begin maart toen ik een leuk zwart koppie zag verschijnen, met twee prachtige gele kraaloogjes, aan mijn serredeur. Het was een eerste zonnige dag na een lange periode van regen en kou. Een mooie dag om even wat deuren open te zetten om te luchten, te poetsen en op te ruimen na een lange periode van somber, donker en koud weer. En dan zag ik plots dat koppie verschijnen. Een heel nieuwsgierig katje diende zich aan. Ik vond hem meteen leuk en gaf het beestje een poezensnoepje uit een zakje dat hier nog lag van Ineke. Dat was meteen een succes. Ik gaf het beestje er nog een, en nog een, en nog een, en ik zag dat het diertje uitgehongerd was. Daarop besloot ik een doos kattenvoer te gaan halen en vanaf dat moment werden we vriendjes. De poes bleef komen en als ze me niet zag begon ze te mauwen. Ik noemde hem Milo, omdat ik er vanuit ging dat het een katertje was, maar dat bleek niet het geval. Milo werd daarom Milou en we werden beste maatjes.

Die eerste ontmoeting ging ongeveer zo. De poes zat toen nog heel bescheiden en voorzichtig buiten en keek nieuwsgierig over de drempel van mijn serredeur. Dat wilde ik gaan schilderen en zo geschiedde. Een mooi klein schilderijtje van een eerste ontmoeting met een heel leuk diertje dat zomaar mijn leven in kwam wandelen.

Intussen zijn we al een fase verder en is Milou een vaste bezoekster van mijn hof. Behalve eten wil ze ook aandacht en die krijgt ze volop. Het is een zwerfkatje die er aan gewend is om buiten te leven, maar ze zoekt wel steeds meer contact. Ze blijkt niet gechipt te zijn en ik laat haar lekker haar eigen gang gaan. Als ze zo af en toe eens langskomt voor wat eten en een knuffel vind ik het prima en als ze hier wil komen wonen vind ik het ook best. De keuze is geheel aan haar.

Ik maak er nu een mooi klein schilderijtje van voor mezelf. Momenteel werk ik nog steeds aan het altaarretabel voor Sinterklaas en doe ik dit kleine werkje er even tussendoor.

Veranderende omstandigheden

In het atelier ben ik nog volop aan het werk aan het altaarretabel voor Sinterklaas. Vandaag of morgen denk ik het bovenste schilderij van dit monument af te kunnen werken. Dat betreft ‘Sint door de hemel’.

Intussen heeft mijn poezenbeest een eigen mandje. Tussen de bedrijven door vraagt dit beestje ook om aandacht die hij gewoon krijgt omdat hij zo leuk is. Hierdoor is mijn leven in Hoek een beetje veranderd.

Ik heb nu een kostganger. Dat is even wennen maar het heeft het leven wel een heel leuke wending gegeven.

Om die reden heb ik de serre aangepast aan deze omstandigheden en daar heb ik twee stoeltjes en een tafeltje neergezet, die ik vond bij de Zeeuwsche Kringloopbeurs in Sint Jansteen, om die serre, die meer dienst deed als opslagruimte, ook te gaan gebruiken om even lekker te kunnen gaan zitten. De poes heeft zijn mandje op een stoel staan, want dat vindt hij leuker dan een mandje op de grond, en er komt nu ook een poezenluikje in de serredeur zodat hij naar binnen en naar buiten kan wanneer hem dat het beste uitkomt. Als het een beetje meezit qua tijd ga ik dat vandaag voor hem in orde maken.

Promotie filmpje voor het boekje en meer

Om het boekje te promoten in de aankomende crowdfunding campagne van Voor de Kunst heb ik vanmorgen een filmpje opgenomen in het atelier. Speciaal voor deze gelegenheid heb ik mijn boerengoed aangetrokken om het streekkarakter van het verhaal te onderstrepen. Het filmpje komt, als het wordt goedgekeurd, straks on line te staan op de pagina die ik daarvoor heb van Voor de Kunst.

In de middag ben ik even wat gaan afleveren bij Art Gallery Pot en daar zag ik dat een werk van wijlen Rafaël Gorsen naast mijn Ballunatcs 8 staat. Dit is een van zijn vele werken waar ik iets mee heb. Het mooie aan dit ding is dat er ook nog een leuk verhaal aan kleeft.

Tijdens een expositie, waar ook Rafaël bij aanwezig was, vroeg een stel hem wat het voorstelde. Rafaël reageerde wat quasi verschrikt en trok toen een gezicht alsof hij zich ergens voor moest verontschuldigen. “Dit is een gek ding”, zei hij met een serieus gezicht. Ik barstte in lachen uit. Direct daarna gingen we samen even een peuk roken buiten. Ik rookte toen nog. Met een beetje samenzweerderige stem zei hij, “Ze geloven het nog ook”.

Dit was hem ten voeten uit. Rafaël hield niet van dit soort evenementen en maakte er graag een eigen feestje van. Ik had hem graag Vrijdag de dertiende, aanstaande, nog willen ontmoeten bij de opening van de nieuwe galerie, maar helaas. Gelukkig staat zijn werk er nog. Het is een beetje dubbel, maar ik vind het fijn maar ook wat raar om zijn scheppingen te zien terwijl de schepper er zelf niet meer is.

Lente

Een van de zaligheden van wonen en werken op het platteland van Hoek is wel dat je veel dichter bij de natuur zit dan in een stad. Als ik ‘s-morgens mijn atelier inloop zie ik wat ik al een beetje had verwacht.

Door de ramen heen fotograferen wil niet erg best lukken omdat de ramen nog vuil zijn van de storm van de afgelopen tijd, maar je ziet wat ik zag.

Afgelopen weekeind zijn de eerste lammetjes geboren bij mij aan de overkant. Een tweeling en een drieling. Maar er lopen nog meer drachtige schapen rond, dus zal hun aantal nog wel toenemen.

Vandaag mochten ze voor het eerst naar buiten. Je moet je voorstellen dat deze beestjes nog maar een paar dagen oud zijn. Buiten is het nog wat fris, ondanks het zonnetje, maar ze kunnen zo terug hun stal in als ze het niet prettig vinden.

Dan volgt de eerste ontmoeting met de kippen. De lammetjes zien die nu voor het eerst van hun leven.

Erg veel belangstelling hebben ze er niet voor ze ontdekken nu ook vers gras. En daar zijn ze dol op. Zo jong als ze nog zijn. Dit begrijpen ze meteen. De kippen bekijken alles met enige verbazing, maar gaan dan rustig verder met hun dagelijkse doen. Hier kan ik intens van genieten. En, wie weet, ga ik er nog iets van schilderen. Ik hoef alleen mijn veldezeltje maar op te pakken en naar de overkant te lopen.

Leen van Haaften

De tekst die ik via, via, tegen kwam om social media, over ‘De manager’, blijkt geschreven te zijn door Leen van Haaften. Op zijn site tref je tal van prachtige gedichten en verhalen aan en dus ook dit verhaal. De tekst die ik onder ogen kreeg is niet helemaal gelijk aan de oorspronkelijke tekst en daarom publiceer ik deze hieronder voor de goede orde.

What do you think we’re fighting for?

Jaren geleden maakte ik al eens een artikel over een belangrijk moment van besef in de moderne geschiedenis. Toen er nog mensen rondliepen die iets begrepen van het belang van kunst en cultuur. Nu dit door onze huidige bewindslieden actief wordt afgeserveerd breng ik het opnieuw onder de aandacht. Mijn oog viel onlangs op een tekst die op social media de ronde deed. Dat betreft het artikel hieronder.

Met de VVD voorop worden wij weggezet als subsidievreters

In dit neoliberale tijdsgewricht worden de kunsten verdacht gemaakt. De tactiek is altijd dezelfde, betoogt kunstenaar Tom S. Hageman.
Tom S. Hageman16 december 2019, 20:24


Toen men in het heetst van de Tweede Wereldoorlog aan Winston Churchill voorstelde geld weg te halen uit het cultuurbudget om de oorlogsinspanningen te bekostigen, keek hij verwonderd op en vroeg, ‘What do you think we’re fighting for?’
Het menselijk bestaan valt ruwweg te verdelen in een drietal basisbehoeften: materiële, emotionele en spirituele. Door de eerste overleven wij, door de tweede planten wij ons voort en door de derde onderscheiden we ons van alle andere dieren.

Churchills oorlog

Churchill wees hier op: materieel en emotioneel kunnen we net zo goed onder de nazi’s leven, we ­voeren oorlog om onze cultuur te beschermen.
Van de pakweg honderdduizend jaar menselijke geschiedenis is de laatste 40 duizend een culturele. De eerste getuigenissen van beschaving zijn kunstwerken: kleine beeldjes en grotschilderingen. Niet alleen in ­Europa, kunst ontwikkelde zich overal, ook in de meest geïsoleerde gemeenschappen. Aan de kunst is een gemeenschap ook te herkennen, het is de expressie van een samen­leving. Poëzie, muziek, beeldende kunst, het verbeeldt de ziel, de identiteit van een cultuur. Tegelijk is het de ingang tot nader begrip van onbekende culturen.

Nog honderd jaar geleden werd er onderscheid gemaakt tussen hogere en lagere kunst. De hogere hoorde bij de leefwijze van de (kleine) burgerlijke elite: theaters, concertgebouwen, musea werden vaak gesticht dank zij private initiatieven en financiële bijdragen uit die burgerklasse. De overgrote meerderheid van de bevolking had geen toegang tot hoger onderwijs met bijpassende levensstijl en behielp zich met levensliederen, volksdans en volkskunst: de zogenaamde lagere kunsten. De socialistische emancipatiebewegingen in de afgelopen eeuw beschouwden kunst dan ook als ‘het’ instrument tot ‘verheffing van het volk’.

Weinig verheffend

Het is weinig verheffend om te zien hoe uitgerekend de materiële erfgenaam van de burgerlijke elite van weleer, de VVD, nu is weggezakt in spirituele armoede.
Ooit was de welgestelde burgerij de beschermer van kunst en cultuur (zij het exclusief voor eigen kring), nu doet ze er alles aan om alles wat van betekenis, diepgang, hogere waarde is in de samenleving te dwarsbomen en waar mogelijk te vernietigen.
In de beeldende kunsten is alles wat na de oorlog werd opgebouwd aan ondersteuning, distributie, educatieve voorzieningen, vanaf het ­begin van de 21ste eeuw nagenoeg geheel afgebroken. Nu zijn de orkesten aan de beurt.

De tactiek is steeds hetzelfde: het begint met verdachtmakingen, scheldpartijen zelfs: kunstenaars worden uitgemaakt voor uitvreters, subsidieslurpers. Kunst en cultuur zijn overbodige uitwassen, want het leven draait immers om vreten, voortplanten en sterven.
Net als bij konijnen, wasberen, ratten en kakkerlakken. Dank zij de neoliberalen raken we honderdduizend jaar terug in de tijd.