Laatste schilderij van het retabel

Na een snikhete dag ben ik nog tot laat deze avond aan het werk in het atelier aan het laatste schilderij voor het altaar retabel voor Sinterklaas. Het betreft de processie te Bari. Dit komt op de achterkant te staan van het drieluik dat alleen te zien zal zijn als de twee luiken dichtgeklapt zitten. Het is dus eigenlijk een schilderij dat in tweeën gedeeld is.

Foto: Marcus Vankan

De voorstelling is als in de situatie hierboven. Ik heb alleen het beeld wat naar buiten gedragen wordt meer in de deuropening geschetst omdat dat beter uitkomt in het tweeluik. Het beeld valt anders precies in de scheiding van de twee schilderijen. De mensen op de voorgrond heb ik verder door getekend, want anders zie je alleen hun hoofden.

Het betreft het moment dat het beeld van Sint Nicolaas uit de naar hem genoemde basiliek wordt gedragen te Bari (Italië). Elk jaar in Mei vindt deze processie plaats. Alleen dit jaar niet vanwege de corona maatregelen. Maar als je dit ziet begrijp je ook dat er een heel omvangrijk verhaal schuil gaat achter het feest dat wij in November en December vieren. De historische ankers voeren heel ver in de tijd terug. Hierdoor wordt het verhaal achter Sint Nicolaas groter en groter naar mate je je er meer in verdiept.

Zo’n schets in olieverf ziet er dan zo uit. Grof maar je kunt wel zien wat ik ga maken. Zo’n foto is echt alleen maar referentie. Ik maak er zelf het beeld van wat het beste past in het geheel van het retabel.

 

Reliquiaria

Een reliekschrijn, of reliquiarium, is een kastje waarin iets bewaard wordt wat verbonden is aan een heilige. In dit geval Sint Nicolaas. Ik maak twee van die kleine kastjes in het altaar retabel voor Sinterklaas. In het linker kastje wordt een stukje van zijn grafkist en lijkwade bewaard en in het rechter kastje een klein flesje Manna.

Dat komt er ongeveer zo uit te zien in het retabel. Niets mag nieuw ogen. Het hele geheel moet er uit gaan zien alsof het 200 jaar oud is.

Voor de glazen deurtjes moet een kader gemaakt worden van eikenhout. De kastjes zelf zijn ook geheel van oud eikenhout gemaakt. Om zo’n kadertje te kunnen maken komt heel wat denkwerk te pas omdat het wel heel erg dunne profieltjes zijn. Ik schaaf ze met een handschaafje in het gewenste profiel.

Omdat het anders niet te hanteren is op de zaagtafel maak ik die profieltjes uit één wat dikkere lat. Aan weerszijde heb ik een profiel geschaafd en daarna gaat het spul op de zaagtafel.

Zelfs met zo’n dikkere lat is het nog enorm uitkijken geblazen, want je bent zo een paar vingers kwijt. En die heb ik nog even nodig.

Die profielen moeten daarna verstek gezaagd worden en als alles exact op de juiste maat is (0 mm. speling) kan het deurtje gelijmd worden en verder afgewerkt. De glasplaatjes worden later gesneden en de nu volgende klus is het aanbrengen van heel kleine koperen scharnieren en een slotje.

Langzaam maar zeker begint het eind in zicht te geraken van deze grote klus waar ik al maanden mee bezig ben. Komende week ga ik werken aan het laatste schilderij voor dit retabel. De processie te Bari. Dat is een schilderij dat uit twee delen bestaat.

Sinterklaas zaken

Hierboven zie je een foto van vanmorgen in het atelier. Ik ben nog steeds druk met het altaar retabel voor Sinterklaas en op de ezel zie je het schilderij van de hel staan dat helemaal onderin het altaar retabel komt te zitten. Wat helaas weinig mensen weten is dat dit onlosmakelijk bij de vertelling van het oorspronkelijke Sinterklaasfeest hoort. Door de jaren heen is het verhaal op grond van eigen interpretatie, gebrek aan kennis en belangstelling voor de geschiedenis en door fantasie die bij de tijdsgeest hoort, steeds een beetje verder aangepast waardoor het helemaal van de kern verwijdert raakte en uit kon groeien tot een soort van kermis en carnaval in een bak los zand.

Om die redenen is het Sinterklaasfeest al lang niet meer wat het ooit was. Vandaag de dag kan het beter Zwarte Piet feest genoemd worden en omdat ik me daar gruwelijk aan kan ergeren heb ik destijds het plan opgevat om het verhaal nog een keer helemaal te vertellen zoals het ooit verteld werd. Het verhaal van hemel en hel, goed en kwaad. In olieverf op tien panelen.

Gisteren was ik in de gelegenheid om met vrienden uit IJzendijke helemaal naar Montfoort te reizen om daar een bijzondere veiling mee te maken van een grote verzameling spullen die met het Sinterklaasfeest te maken hebben. Mijn bijzondere belangstelling ging uit naar boeken. Ik zocht een boek, uit de goede tijd, waarin het juiste verhaal beschreven stond. Dan moet je terug gaan in de tijd en kom je uit in de periode van vóór 1950. En dat boek vond ik vrijwel direct in een vijftal grote dozen vol boeken over het Sinterklaasfeest.

Het stamt ergens uit de jaren ’40 – ’50 en ik las op de cover de tekst: ‘Bevattende: klassieke en moderne verhalen en verzen, alsmede raadgevingen, recepten, wijzen, leisen en al hetgeen men voor een richtige Sinterklaasviering dient te weten en daarna ook weer spoedig te vergeten.’

En dan de auteurs… Godfried Bomans, Annie M. G. Schmidt, Fiep Westendorp, etc. etc. Voorovergebogen over een doos vol boeken, met aan weerszijde driftig zoekende andere belangstellenden, gaat mijn hart meteen sneller kloppen. Het bestaan van dit boek kende ik niet. Als ik zo wat door de inhoud blader weet ik dat ik beet heb. ‘Zonder gedicht gaat het niet, paedagogische kanttekeningen, hoe richten we de avond thuis in, organisatie van kinderfeesten in groter verband, over het geven, over het maken van een tabberd en het schminken, de lekkernijen, surprises, Sinterklaas legenden, enige richtlijnen (van Godfried Bomans), etc. etc.

Maar ik vond nog meer boeken. Een belangrijke uit 1926 en een nog interessantere uit 1886! Mijn dag kan niet meer stuk. Voor een paar Euro ben ik de eigenaar.

Het Sinterklaasfeest was toen nog omgeven met een waas van geheimzinnigheid. De mythe stond nog bovenaan het verlanglijstje van elke vertolker. Handige knutselaars werden voorzien van nuttige informatie over hoe je, bijvoorbeeld, het beste een baard voor de Sint kon maken van vlas. Of hoe je een mijter van rood gekleurd karton kon maken en een ‘gouden staf’ kon maken van een plaatje triplex en een bezemsteel. Zo heb ik het Sinterklaasfeest ook beleefd. Ik stam van ná 1950 (1960 om precies te zijn) en toch heb ik van mijn ouders al deze wijsheden meegekregen.

In die tijd was het feest nog van het volk en niet van de televisie, de showmaster, de politicus, of de commercie. We gingen nog massaal naar de kerk en we wisten hoe de religie en het feest met elkaar verbonden waren. We wisten toen dus ook nog hoe het verhaal in elkaar zat en hoe het verteld moest worden. Na de jaren ’60 kwam er de klad in, omdat men ontdekte dat er geld mee verdiend kon worden, en begon het feest aan een opleving in populairiteit waarna het rond de jaren ’80 carnavaleske vormen aan begon te nemen. Je kunt dus wel stellen dat het feest, vandaag de dag, door eigen succes ten onder dreigt te gaan.

Een kavel met bakblikken, vormen voor chocolade Sinten en letters passen uitstekend in mijn keuken. Maar ik hield me in.

Tijdens de veiling zie ik tal van zaken voorbij komen die mijn belangstelling hebben. Met name alles van vóór 1950 is interessant. Omdat ik me had voorgenomen om me alleen op interessante literatuur te richten kon ik de verleiding weerstaan om niet met een volle bak naar huis terug te keren.

Mijn buit bestaat uit een stapeltje boeken en een glas met het oude logo van het SNG er op. Terugkijkend op deze dag  zie ik dat alle kwartjes op zijn plaats zijn gevallen. Wat ik dacht blijkt juist te zijn. Uit gesprekken met de vele bekenden uit ‘het wereldje’ merk ik op dat iedereen terug wil naar het oorspronkelijke feest met bovenaan het verlangen naar de terugkeer naar de huiskamer, de mythe, de saamhorigheid, de gezelligheid en de onbeschrijflijke atmosfeer die het Sinterklaasfeest hoort te hebben. Op dat punt zie ik dat het altaar retabel voor Sinterklaas volledig aan die wens gaat voldoen. ‘Niet het vele is goed, maar het goede is veel’.

 

Altaar retabel in wording

Vandaag heb ik heel hard gewerkt in het atelier aan de constructie van de monumentale omkadering van het altaar retabel voor Sinterklaas. De standaard, waar alle elementen van het retabel op gemonteerd komen te zitten staat nu vast op het ‘podium’ en alle onderdelen kunnen nu gemonteerd worden.

Eer het zover was moesten er ook nog bevestigingsmiddelen op maat gemaakt worden, zoals slotbouten waar meer schroefdraad op getapt moest worden. Dat zijn zo van die klusjes die erop duiden dat het eind al een beetje in zicht komt. Technisch ben ik gelukkig redelijk goed toegerust en kan ik het allemaal zelf maken.

Aan het eind van de dag had ik nog een bijeenkomst van Cultuureducatie Zeeuws Vlaanderen. De foto hierboven maakte ik even snel toen het al afgelopen was en de overgebleven hapjes nog een laatste maag wisten te vullen. Ik kwam ook weer een oude bekende uit Breda tegen die ik al een hele tijd niet gezien had. Het verrast me niet dat ik steeds meer oude bekende tegen kom in het Zeeuws Vlaamse.

Klassieke vormen in hout

Vandaag ben ik voornamelijk bezig geweest met het uitsteken van de klassieke lijnen voor het onderste deel van het altaar retabel voor Sinterklaas. Een precisie werkje waar ik lekker de tijd voor heb genomen. Op de ezel staat een schilderijtje dat moet drogen eer ik er goed aan verder kan werken. Het betreft een van de drie wonderen van Sint Nicolaas. De drie kinderen in de pekelton. Als dat schilderijtje klaar is laat ik het wel zien.

Dat uitsteken van die lijnen en ornamenten gaat met een beitel en een klop. Een echt grote kunst is het niet, maar om een strak geheel te krijgen moet je precies binnen de getekende lijntjes blijven. Het is daarom meer een tijdrovend klusje.

Het eindresultaat ziet er goed uit. Het is nu nog een kwestie van afwerken. In het ovale schilderij zie je straks de hel. Daar komt Zwarte Piet vandaan. Dat schilderij is geen fijn plaatje om te zien. Het valt daarom een beetje weg achter de brievenbus. En mogelijk komt er een gordijntje voor te zitten als het te griezelig oogt voor de kinderen. Zo’n mooi rood velours geval met aan de zijkant een trekkoord voor heel nieuwsgierige kinderen.

Nog een leuke vondst

Echt heel bijzonder is het niet. Gewoon leuk om tegen te komen. Voor de bouw van het altaar retabel voor Sinterklaas gebruik ik heel oude meubelstukken die ik aanpas om te kunnen gebruiken in de bouw van het retabel. Hierdoor krijgt het bouwwerk direct een historische uitstraling die ik zo belangrijk vind. In een monumentale tafel die ik hiervoor aanschafte via de Zeeuwsche kringloopbeurs te Sint Jansteen trof ik een klein opgevouwen papiertje aan om een verbinding passend te kunnen maken. Het is een heel oud stukje papier van een advertentie van een meubelzaak aan de Place Clichy te Parijs.

Dat is zo’n beetje het belangrijkste uitgangscentrum van de stad waar belangrijke straten als Boulevard de Clichy en de Boulevard des Batignolles op uitlopen. Vlak bij Moulin Rouge (aan de Boulevard de Clichy) en tal van andere beroemde gelegenheden, waar destijds ook beroemdheden als Vincent van Goch, Picasso, Degas (die er woonde), etc. te vinden waren. Op nummer 6 woonde de schilder Degas; hij overleed hier in 1917 op 83-jarige leeftijd in een appartement op de 5e etage. Op nummer 11 woonde de voormalige minister van buitenlandse zaken Théophile Delcassé, die z’n huis aan veel artiesten verhuurde, waaronder Picasso in 1909. Op nummer 35 bevindt zich het théâtre de Dix-Heures. Op nummer 42 bevond zich voorheen het Café du Tambourin waar Vincent van Gogh in 1887 een tentoonstelling hield, overigens zonder enig succes. Op nummer 64 het cabaret Les trois Baudets, in 2010 heropend als cultureel centrum. Op nummer 68 heropende het café Le Chat Noir nadat het vanaf de naastgelegen boulevard de Rochechouart verhuisd was. Op nummer 72 het Musée de l’érotisme. En op nummer 82 staat sinds 1889 de nummer 1 attractie van de buurt, de Moulin Rouge (bron Wikipedia en opgezocht door Ineke). Dit meubelstuk zou dus uit die beroemde Place Clichy kunnen komen. Zeker is dat natuurlijk niet, maar het kan.

De advertentie zal van rond 1900 zijn geweest. In die tijd moet een meubelmaker het papiertje gescheurd en gevouwen hebben om het in die (wat te ruime) verbinding te leggen zodat alles weer netjes strak aansloot. Mijn gedachten stromen dan gelijk weg richting een van mijn favoriete striptekenaars Jacques Tardi, die deze plek veel getekend heeft voor zijn boeken over Isabelle Avondrood (Isabelle Blanc Sec).

Zomaar een leuke vondst, dus.

De vondst van het verloren hoefijzer

Vanmorgen ben ik naar Frans Brouwers gereden. Die woont in IJzendijke. Een van die prachtige Zeeuws Vlaamse plaatsjes waar ik regelmatig te vinden ben. We gingen op pad met een missie. Het vinden van het verloren hoefijzer van het paard van Sinterklaas.

Dat hoefijzer was het paard verloren toen ik foto’s van de Sint maakte voor het altaar retabel voor Sinterklaas, wat ik nu aan het maken ben. Dat was ergens in November van het vorig jaar (zie foto hierboven). We wisten ongeveer waar we moesten gaan zoeken en ik had, voor de zekerheid, mijn metaaldetector meegenomen en een schep, want hoewel het ijzer aan de oppervlakte moet liggen kan het ook al een beetje in de grond zitten. Er hoeft maar een trekker overheen te rijden en dan vind je het al niet meer.

Maar eenmaal ter plekke in de polder vonden we vooral blikjes en granaatscherven. Hier is in de oorlog enorm gevochten en dat hebben we gemerkt. Hele lange stukken hebben we lopen zoeken in de bermen. Zonder resultaat. Uiteindelijk kwamen we uit bij het pad waar we de Sint uit de mist zagen opdoemen. Dat was het laatste stukje wat we konden onderzoeken. Alle hoop was nu gevestigd op dat stuk.

En dan ineens een goed signaal. Terwijl ik mijn schep in de grond zet zag ik hem al omhoog komen.

We staan op hetzelfde pad als dat van de foto met een aanstormende Sinterklaas in de mist. Het hoefijzer lag in de berm achter ons. Op nog geen 300 meter van de plek waar ik toen de foto maakte van de Sint in de mist.

Een kreet van euforie en dan kun je zeggen dat de missie geslaagd is. Het hoefijzer komt straks op de een of andere wijze in het altaar retabel voor Sinterklaas te zitten. Nu eerst het ding voorzichtig schoon maken en prepareren.

Het is een mooi object met de hoefnagels er nog in. Het komt straks als een echt relikwie in een mooi, passend, vitrinekastje te zitten.

Het was een leuk avontuur, dat bijna op een mislukking was uitgelopen. We hadden de moed, na een paar uur zoeken, al bijna opgegeven. Maar met het mooie weer, de zalige omgeving en de hoop het toch te vinden lukte het om het ding op te graven.

Een klomp vol goudstukken

Een van de drie wonderen van Sint Nicolaas is dat van de klomp vol goudstukken. We kennen allemaal wel de legende waar het zetten van de schoen voor de kachel nog aan herinnert. Dit is een van de drie schilderijen die onder het drieluik in het altaarretabel voor Sinterklaas komt te zitten.

Leuk om te vermelden is dat de klomp mijn klomp is en de kachel staat in mijn huiskamer. Je voelt je ineens schatrijk met zo’n klomp, maar de goudstukken zijn van chocolade met wat goud,- en zilverpapier er omheen. En zo heb ik het dan ook geschilderd.

Een hoop gepiel, maar daar hou ik van. De laatste details heb ik zitten schilderen met het loepbrilletje. Vandaag heb ik er de laatste hand aan gelegd. De kleuren zijn wat ingeschoten, maar dat komt straks helemaal weer goed met een (retouche) vernislaag die ik aan kan brengen als het werk(je) helemaal droog is.

Kachelen

In het atelier werk ik rustig door aan het werk voor het altaarretabel voor Sinterklaas. Op dit moment ben ik de klomp met goudstukken aan het schilderen die voor de (brandende) kachel staat. Het betreft hier een van de drie wonderen die ik schilder voor dit monument.

De kachel zelf staat inmiddels ook weer aan. Na een periode van ronduit zomers weer is het nu weer koud. Het weer is totaal omgeslagen. Van windstil zomerweer naar waaierig herfstweer. Ik neem het schilderijtje even mee naar binnen om de exacte kleur van de gloed van het vuur achter de ruitjes naar de waarneming te schilderen. Dat is altijd beter dan iets van een foto schilderen.

De poes wil juist naar buiten. Niet door het voor haar aangelegde poezenluikje, maar door de deur. Om haar zin te krijgen gaat ze hard zitten mauwen. Eenmaal buiten wil ze weer naar binnen, enzovoort. Ik doe nog eens een poging om haar door het poezenluikje naar binnen te lokken met een poezensnoepje, maar madam vertikt het om aan dit plan mee te werken.

De Sint door de hemel

Het was best een klus. Van drie foto’s die ik voor dit schilderij gebruikte moest ik één logisch geheel zien te maken. En dat bleek minder makkelijk dan ik had voorzien. Dit schilderij op paneel komt bovenin het atlaarretabel te zitten voor Sinterklaas.

Vorig jaar November had ik een mooie ontmoeting met hem in de mistige polders rond IJzendijke. Hij was speciaal voor dit schilderij uitgerukt zodat ik hem goed kon fotograferen voor dit werk. Dat was best een bijzonder moment. In vol galop kwam hij aangereden. Eerst kon ik hem alleen maar horen. Door de dichte mist kon ik hem niet zien. Ik denk dat hij dat met opzet gedaan had om deze ontmoeting een magisch tintje te geven. Hij kwam, als het ware, uit het niet naar de bewoonde wereld. Hij was in het land, dus het kon, en daar maakte ik dankbaar gebruik van.

Met die foto’s die ik toen maakte kon ik later in het atelier heel precies alle details schilderen. Met zo’n loep-brilleke. De Sint door de hemel is een belangrijk werk in dit retabel omdat hierin het verhaal van hemel en hel verteld gaat worden. Dit is een heel belangrijk element in het hele Sinterklaas-verhaal waar de laatste jaren weinig aandacht meer voor was. Maar hier is het allemaal ooit om begonnen.