Ludiek zelfportret

Om het jaar af te sluiten besloot ik en ludiek zelfportret te gaan maken. Lekker vrolijk en nu eens niet om mee te exposeren of om te verkopen maar om het een mooi plekje in huis te geven en lekker zelf te gouden.

Een kwestie van een spiegel in het atelier neerzetten, een clown schminken en een clown schilderen op doek. Dan zie ik niet de hele tijd die bekende saaie kop in de spiegel maar iets waar ik om kan lachen. Een mooie afsluiting van het jaar met echt het allerlaatste schilderijtje van 2018. Op naar nieuwe avonturen in 2019.

Het molen-schilderijtje

Op deze grauwe dag aan het eind van dit jaar (2018) maak ik een vergelijkingsfoto van de molen op het schilderijtje en de situatie ter plaatse. Voor de exacte foto had ik nog iets verder naar rechts moeten gaan staan, maar dan kwam die schutting voor de molen te staan. Ook de molen had dan naar het noord-oosten gekeerd moeten staan, maar daar had de molenaar natuurlijk geen tijd voor.

De moestuin is nu parkeerplaats en doorgang naar het dorpshuis en de wijk er achter. Het schilderijtje is net af. Het moet nog drogen en gevernist worden. En er komt natuurlijk ook een Kley-lijstje omheen.

 

Go-RTV

Samen met Anne Mannaerts (van Galerie Lokaal 54) was ik vanmorgen te horen in het radioprogramma van Go-RTV. Onze regionale radio en televisiezender. Tijdens dit programma werd teruggekeken op het afgelopen jaar en natuurlijk op de Mathildedag die hier toch wel behoorlijk indruk heeft gemaakt.

Huiskamer-kunstschouw

Als ik na een dag schilderen de dag afsluit neem ik het schilderijtje waar ik aan werk mee naar het huisje om er de hele avond naar te kunnen kijken. Zo zie ik wat ik er de volgende dag aan moet doen en wat niet. Ook voltooid werk, wat nog naar een bestemming moet, in dit geval het museum, heb ik op die plek staan en zo krijg ik een heerlijke view over wat ik aan het maken ben.

Vanmorgen had ik vooral aandacht voor het molenschilderijtje dat ik aan het schilderen ben naar aanleiding van een oude ansichtkaart. Langzaam maar zeker vul ik die mooie moestuin in met op de voorgrond de hibiscusstruik vol bloemen. Het wordt echt een supermooi schilderijtje waar ik echt trots op ben. Dat Haagse School effect blijft behouden.

De molen en de romanriek

Het is een echo uit het verleden. De kaart van onze molen. Gefotografeerd ergens in de jaren ’50 toen alle lelijkheid van vandaag de dag nog uitgevonden moest worden. Volgens Jelle, onze molenaar, is de foto gemaakt tussen 1945 en 1959. Na het aanbrengen van het systeem van Bussel en vóór het verwijderen van de stelling. In die jaren ging het mis. De wereld moest vernieuwd worden en zo verdween alle romantiek. We, Jelle en ik, komen dan ook tot de slotsom dat we te laat geboren zijn.

Zo zitten we vaak wat te dromen en te filosoferen op de molen over de schoonheid van weleer. In dit geval met Sankie Koster, een van onze favoriete vertel-diva’s, die net als Jelle en ik dat verleden zo koestert.

De ansichtkaart waar Jelle mee aan kwam zetten

Waar op de foto de plantjes staan in de moestuin staan nu auto’s. De rest van de omgeving is ernstig vervuild met schreeuwend lelijke nieuwbouw, zoals ons dorpshuis, vuil containers en ander onooglijk modern goed. Al mijmerend over mooie tijden komt bij mij het idee opborrelen om dit gewoon eens te gaan schilderen. Exact als op de kaart, maar dan in kleur, en alsof er in al die jaren niets is veranderd.

En als ik dan zo bezig ben ontstaat er iets wat me doet denken aan de Haagse School. Hoe ironisch. De leden van de Haagse School, Jacob en Willem Maris, Willem Mesdag, Anton Mauve en Willem Roelofs, om er een paar te noemen, zetten zich af tegen het toen overheersende romantische traditie en streefden naar een perfecte weergave van de realiteit die veelal op locatie werd geschilderd. Ik zit nu een exacte weergave te maken van iets wat ik verromantiseer en wat me juist doet denken aan die Haagse School.

Het schilderijtje is voor mij juist een vorm van verzet tegen alle moderne troep waar de hele wereld mee vervuild is geraakt. Het is allemaal erg praktisch en nuttig, maar zo lelijk dat ik het niet wil zien. In de tijd van de ansichtkaart liep er een karrenspoor, slingerend door het land naar de molen, waarlangs de boeren hun graan per paard en wagen naar de molen konden brengen. Het huis van de molenaar stond er nog en vanuit het dorp liep een pad naar de molen toe. Als ik dat bedenk en voor mijn geest probeer te halen moet ik onwillekeurig denken aan het lied van Wim Sonneveld over het tuinpad van zijn vader. Dat lied heeft mij altijd bezig gehouden. Zo ook nu.

Ik schilder de molen. Toetsje voor toetsje bouw ik het schilderijtje heel geduldig op. Langzaam maar zeker begint zich iets te ontspinnen wat we alleen nog maar in zwart-wit kennen. Ik hou de toets van de Haagse School schilders er in. Krachtig en raak. Die ansicht vol herinneringen is gelukkig niet alles wat er overbleef voor mij, want de molen staat er ook nog. En die molen draait ook nog. Er wordt graan op gemalen en we genieten er elke keer weer opnieuw van als we alles zien draaien in deze prachtige stenen toren met haar zwierige wieken.

 

Kacheltje brann en lijstjes maken

Voor al mijn schilderijen maak ik zelf de (expo)lijsten. Die zien er vrijwel allemaal het zelfde uit. Er zitten hier en daar kleine verschillen, maar ze zijn allen gesigneerd in goud met mijn beeldmerk.

Destijds heb ik flink geïnvesteerd in machines, gereedschap en kennis om die lijstjes te kunnen maken. Het zullen nooit van die mooie, strakke lijsten worden uit de lijstenhandel omdat het nu eenmaal knutselwerk is en blijft van een bevlogen kunstenmaker.

Vandaag maak ik het lijstje voor mijn jongste product ‘Kacheltje brann’. Dat is Hoeks dialect voor ‘kacheltje branden’. Het is een mooi klein schilderijtje geworden voor de tentoonstelling ‘Overwinteren’, straks in het Axels museum (Het Warenhuis). Dat kacheltje heb ik al langer willen schilderen, maar om de een of andere reden kwam het er nooit van. Nu had ik ineens een goede reden om dat toch eens te gaan doen en als ik het eindresultaat zie denk ik bij mezelf dat ik dit veel eerder had moeten doen.

Dat kacheltje maakt deel uit van mijn interieur en dagelijks leven. Hij staat er niet voor de sier, maar wordt echt gebruikt. Het is een oude Etna kolenkachel van het type Sun 5324. En aangezien hier, op het platte land, nog volop op kolen wordt gestookt en kolen ook nog overal verkrijgbaar zijn past dit kacheltje niet alleen perfect in deze omgeving, maar ook bij mijn nadrukkelijke wens om eenvoudig te kunnen leven en niet afhankelijk te zijn van instanties als energie leveranciers. Ik koop mijn kolen waar het het goedkoopst is en bepaal dus zelf wat ik aan warmte uit wil geven. Buiten staat mijn kolenkot, dat ik zelf heb herbouwd en wederom in gebruik heb genomen. Hieruit schep je de kolen in de kolenkit.

De ‘schildpad’

En die gooi je in huis leeg in de ‘schildpad’ waar ook het kolenschepje in zit waarmee je de kachel bovenlangs, via het klepje, kunt vullen. In het deksel van de schildpad zit een uitsparing waar het schepje doorheen steekt.

Voor mij is dit dagelijkse kost. Maar ondanks dat blijf ik er toch elke dag van genieten. De gezelligheid en de heerlijke warmte die je van zo’n kacheltje krijgt is onvervangbaar.

Behalve het kacheltje heb ik ook de Rayburn in de keuken staan waar dagelijks op wordt gekookt. Dit fornuis wordt hoofdzakelijk op hout gestookt omdat ik daar heel veel van heb (gratis).

In tegenstelling tot het kacheltje heeft de Rayburn  een dubbele verbranding (8% emissie). Zo kan ik de regie over mijn leven redelijk goed in eigen hand houden. De kosten van koken en stoken zijn erg laag. Koken op gratis hout natuurlijk nihil.

Stuk in de krant

Op 8 December verscheen er nog een stuk in de krant over de tentoonstelling bij Galerie Lokaal 54 van de hand van kunst recensent Nico Out. Dat vergat ik nog te melden, maar bij deze.

Niet iedereen komt er even goed vanaf, maar daarvoor is het ook een stuk journalistiek van een kunstcriticus.

Een foto van ‘Het behouden huis’ is eveneens in het artikel opgenomen. Anne (Mannaerts) heeft het stuk voor me uitgeknipt en bewaard. In haar galerie (Lokaal 54 in Terneuzen) wordt permanent mijn ‘Zeeuwse collectie’ getoond. Behalve in de maanden Januari en Februari, want dan gaar de galerie dicht voor de winterstop.

Op 18 Januari 2019 zal een deel van dit werk, aangevuld met nieuw werk, te zien zijn tijdens de tentoonstelling ‘Overwinteren’ in Museum Het Warenhuis, het Museum van het Land van Axel te Axel. Maar daarover later meer.

Barcode bij Pot

Zojuist heb ik het schilderij ‘Barcode’ bij Pot afgeleverd en, samen met Brenda, opgehangen op een wel heel mooie plek. Op de benedenverdieping, bij de balie rechtsaf, en dan zie je het vanzelf.

Een van de fijne momenten van het betreden van het grote design paradijs van Pot zijn de dames die je hier verwelkomen met een allerliefste glimlach en een schrijfseltje. Dat zou ik nog wel eens willen schilderen. En wie weet ga ik dat nog doen ook.

Samen met Brenda, de galeriehoudster bij Pot, heb ik het werk opgehangen en hebben we er, onder het genot van koffie en een appeltaartje uit eigen oven en tuin, over zitten filosoferen.

Temidden van het werk van Geert Jan Jansen, die op dit moment enorm in de belangstelling staat door een toneelstuk over een vervalste Picasso, en het werk van Rafaël Gorsen, drink ik met Brenda een kop koffie met een taartje. Je voelt de rijkdom om je heen.

Geert Jan Jansen schittert nu in het toneelstuk van het Zuidelijk Toneel met ‘True Copy‘. Een geweldig goed stuk, als ik enkele bezoekers mag geloven, waar ik beslist zelf nog naar toe wil. Nu wordt dat stuk opgevoerd in Gent, vlakbij dus, en menigeen kent wel het verhaal van die zogenaamd teruggevonden Picasso die zo vals bleek te zijn als de kraaien. Laats kwam dat nog volop in het nieuws. Temidden van al dat beroemde werk zitten wij hier dan koffie te drinken en taartjes te eten. Kun je het je voorstellen?

Maar mijn werk hangt nu tussen het weelderige design van ‘s-werelds bekendste ontwerpers. En als ik deze foto maak hoor ik zachtjes op de achtergrond ‘You can’t always get what you want’. Het is maar hoe je het bekijkt. Ik ben dik tevreden. En ik heb ook niet de indruk dat Mick Jagger iets zal laten staan wat hij wil hebben. Maar goed.

 

Op z’n zondags

Het heeft eigenlijk niets met schilderen te maken, maar wel met mijn directe leefomgeving en het plezier wat ik beleef aan echo’s uit het verleden. Het is Zondag en ik eet mijn zelf gebakken appeltaartje van appels uit mijn eigen boomgaard en gebakken met meel van onze Hoekse molen. De wereld om me heen is volledig stil, op deze koude dag in het jaar. Binnen brandt de kolenkachel en is het heerlijk warm.

Niet zichtbaar op de foto is mijn schilderij van mijn huisje in de sneeuw, wat ik speciaal gemaakt heb voor de tentoonstelling in het museum van Axel, Het Warenhuis, die volgende maand begint. Dan is het wel geheel in overeenstemming om deze dag eens op z’n Hoeks boerenbest te beginnen met een heerlijk appeltaartje en daarna weer verder te gaan in het atelier.

Het kacheltje

Weer eens wat anders. Schilderen in huis, in plaats van in het atelier. Het onderwerp is mijn kacheltje. Ik ben ondertussen een appeltaart aan het bakken in de Rayburn en moet dat af en toe even in de gaten houden. Vandaar. En, niet onbelangrijk, ik wilde onderhand wel eens een schilderijtje van dit prachtige kacheltje hebben. De geur van terpentijnolie en appeltaart vult mijn werkomgeving. Zo kom ik mijn dag wel door.

Nog lang niet af, maar je krijgt wel een idee van wat ik aan het schilderen ben. De houtjes die voor het kacheltje liggen zijn al opgestookt. Ik begon met dit schilderijtje een paar dagen geleden. Telkens werk ik er een beetje aan, maar vandaag wil ik het voltooien. Het schilderijtje maak ik speciaal voor de tentoonstelling in het Axels museum. De titel ‘Overwinteren’ is hier ook echt van toepassing.