Aan tafel bij Omroep Hulst

Hedenavond was ik te gast bij Omroep Hulst om te vertellen over het boekje dat straks uit zal komen over ‘de drieling van Terhole’. Dit gesprek zal 11 Maart worden uitgezonden in het kader van de boekenweek.

Ik vond het een mooie belevenis en ik verbaasde me over de moderne techniek. Aan het eind van het gesprek kon ik nog even een kijkje nemen bij de regie, waar ik een walhalla aantrof van beeldschermen, knopjes en toetsenborden.

Samen met de directeur van de bibliotheek en schrijfster Rineke van der Wouwe kon ik wat vertellen over mijn boekje en de wereld daar achter. Terhole ligt op een flinke steenworp van Hulst en daarom was men ook best benieuwd hoe dit in elkaar zat.

Houtbewerking en schilderen

Naast het schilderen van het middenpaneel van het altaar retabel voor Sinterklaas ben ik ook bezig met wat voorbereidend werk voor het retabel zelf. Vandaag heb ik de belangrijkste delen die er zijn op de vloer uitgelegd om het hele geheel op te kunnen meten. Het wordt 310 cm. hoog en 210 cm. breed. Dat is de maat zoals het er nu uitziet. Maar het kan zo zijn dat het monument nog wat hoger wordt omdat ik wat meer ruimte wil hebben voor de brievenbus en de schilderijen die onder het drieluik komen te zitten.

Voor de brievenbus had ik vandaag een klusje in petto. Er moet een profielrandje geschaafd worden aan de kopse kant van een vers op maat gezaagde eikenhouten dekplaat die bovenop de brievenbus komt te zitten. Daarvoor heb ik een geschikt schaafje dat eerst geslepen moest worden om die (lastige) kopse kant mooi strak en zonder rafels te kunnen schaven. Het slijpen van zo’n rond schaafmesje gebeurt met de hand en dat is en heel secuur klusje. Maar dan heb je ook een echt vlijmscherp schaafje waarmee voorkomen kan worden dat er rafels ontstaan.

En dat ging prima. Ik werk liever met zo’n oud, goed beheersbaar, schaafje dan met een freestafel. Hiermee kun je heel rustig en beheerst schaven en alles goed in de gaten houden. Heel ouderwets, maar wel zo plezierig. En het maakt geen lawaai.

Vervolgens komt het passen om te zien of ik alles goed gedaan en juist opgemeten heb. Dat blijkt op de tiende millimeter te kloppen.

Alles klopt en past perfect. Het is nu een kwestie van lijmen, spijkeren en aanklemmen met lijmtangen.

Hierboven zie je het eindresultaat. Door gebruik te maken van oude kastonderdelen blijft de doorleefde uitstraling behouden en geeft dat straks een overtuigend gedateerd resultaat. Alsof het monument al 200 jaar oud is. Het vers geschaafde deel wordt straks nog mooi op kleur gemaakt zodat je niet kunt zien dat dit deel in 2020 geschaafd is. En dan weer verder met schilderen. Het maken van de gleuf voor de brievenbus komt later.

 

Luchtpost

Buiten waaien de vouwen uit je broek en als je dan de post uit de brievenbus haalt kan het zijn dat je ineens luchtpost hebt. Twee stukken vlogen weg en met hard rennen en een snelle actie lukte het me nog net op tijd om ze te pakken te krijgen voor ze ergens vele kilometers verderop door de lucht zouden vliegen. Een envelop van de postcode loterij, die zo de kachel in gaat, en een mysterieuze dikke envelop met een voering van belletjes plastiek. Het eerste wat ik dan denk is dat het van Ineke af komt, maar die plakt er altijd vrolijke bloemen, poezen en vlinders bij. En dat was hier niet het geval.

Het blijkt een uitnodiging van Art Gallery Pot te zijn. Met Ballunatics 8 op de voor,- en achterkant. Dat schilderij hangt daar en heeft al eerder de cover van een mooi vormgegeven boekje van de galerie gesierd. Ik ben zeer vereerd. Doet me echt goed, zoiets. Maar meteen weet ik ook dat ik het die Zaterdag erg druk zal krijgen want ook de galerie van Anne Mannaerts, Lokaal 54, opent op die dag het nieuwe expositie seizoen, waar ik dus ook bij aanwezig moet zijn. Het gaat dus druk worden in het Zeeuwse met de kunsten. Dan weet je gelijk waarom ik het hier zo fantastisch goed naar mijn zin heb.

Het midden-paneel

In het atelier ben ik al weer wat verder opgeschoten met het midden-paneel van het drieluik dat in het altaar retabel voor Sinterklaas komt te zitten. Je ziet de Sint in de (Sint Nicolaas) kerk zitten omgeven door een hele kluit kinderen. Al die gezichtjes hebben een zo specifieke uitdrukking die hoort bij de beleving van een kind op zo’n moment. Dat dit een enorme klus is hoef ik waarschijnlijk niemand uit te leggen. Ik ben er al een tijdje mee bezig en nu begint het al een beetje ergens op te lijken. Pas als ik het echt goed toonbaar vind zal ik een foto van het werk zelf maken.

Het is een van de moeilijkste en meest arbeidsintensieve delen van dit hele retabel. Daarom ben ik met dit werk als eerste begonnen. In totaal komen er 10 schilderijen in te zitten. Medio Oktober moet het werk zover klaar zijn dat het in de kerk geïnstalleerd kan worden. In de tussenliggende tijd zal ik mijn handen er aan vol hebben.

De manager is gearriveerd bij Pot

In de hagelnieuwe galerie van Pot is nu ook ‘De manager‘ te zien. Er wordt op dit moment nog druk gewerkt aan een finishing touch en er is nu al een hoop werk te zien. 14 en 15 Maart is de opening. Maar nu is er al een uitgebreide collectie te zien (en te koop). Zo ook dit werk. Het hangt tegenover ‘Ballunatics 8’, om in de sfeer van zweven en ballonnen te blijven.

Op de achtergrond zie je nog net de laatste werkzaamheden aan de nieuwe galerie. Het is een heel mooi geheel geworden waar nu veel meer te zien is dan in de vorige ruimte. De nieuwe galerie bevindt zich op de eerste etage in plaats van op de derde. Dat scheelt weer een hoop traptreden.

 

Centen kwestie

In het atelier ben ik bezig met het schilderen van het middelste paneel van het drieluik van het altaar retabel voor Sinterklaas. Dat is nu in een stadium van schetsen, passen en meten om tot een optimale compositie te komen van een mooie scène over de Sint in de kerk die omringd is door een hele kluit stuiterende kinderen, de pastoor en zijn misdinaars, de schutterij en natuurlijk het prachtige kerk interieur. Alles bij elkaar een hele puzzel, waar ik nu wel ver mee klaar ben. Als de compositie goed staat kan ik beginnen met het werkelijke schilderwerk. En dat is nu.

Maar vandaag heb ik een dikke dag aan de overkant van de Schelde. Ik ga naar een middag voorlichting over crowdfunding, in Middelburg, voor de uitgave van het boekje. Dat is nodig, want de centen komen niet zomaar uit de lucht vallen.

Elders loopt al een andere vorm van crowdfunding voor het altaar retabel voor Sinterklaas. Hierboven zie je het bijbehorende kaartje. Die actie loopt al een tijdje en die blijkt heel succesvol.

Andere belangrijke zaken die aan ‘d’n-overkant’ plaats vinden is wel het gebeuren rond de Zeeuwse vlegel. Zeeuws bakgraan dat op authentieke wijze wordt geteeld, dus zonder vergif en andere troep, en op de Zeeuwse wind wordt gemalen op onze molen. Zelf mijn eigen brood bakken is iets waar ik me bijzonder graag mee bezig wil houden. Daarvoor moet ik vandaag ook even langs bij de mensen achter dit geweldige streekproduct in Ovezande. Dat wordt vandaag dus een ritje door en rond de Scheldetunnel.

Het spookte in Zeeuws Vlaanderen

Johan de Vries was, en is bij mij nog steeds, een lokale held. Op zijn brommer, met achterop zijn bandrecorder, reed hij heel het Land van Axel af op zoek naar de vele volks,- en spookverhalen die hier in de streek verteld werden (en nog steeds worden). Die verhalen bundelde hij in zijn boek ‘Het spookte in Zeeuws Vlaanderen’. Als kind las ik dat boek grijs. Geraakt en geboeid door deze prachtige verhalen. Broeder Dieleman brengt nu een eerbetoon aan Johan de Vries op de planken van de Zeeuwse theaters. Vanavond in het Schelde Theater. Daar wil ik natuurlijk heen. Temeer ook omdat ik nu zelf Zeeuws Vlaamse spookverhalen zit te schrijven en te tekenen.

Mijn boekje en het boek van Johan de Vries naast elkaar op mijn tafel. Nu ik dit zo naast elkaar zie liggen vraag ik me af waarom ik niet veel eerder ben begonnen met het tekenen en schrijven van verhalen.

In het atelier ben ik begonnen aan het middenpaneel van het Altaar retabel voor Sinterklaas. Het hele weekeind heb ik me bezig gehouden met schetsen en ideeën uitwerken voor deze enorme klus waar ik me het komend jaar mee bezig zal gaan houden. In Oktober moet het werk klaar zijn. Niet alleen tien schilderijen maar ook een monumentaal altaarstuk waar alles in samengevat zit. Dat betekent dat mijn atelier ook weer een houtwerkplaats zal worden.